Gebakken kabeljauw met waterkerssaus en sperziebonen
Gebakken kabeljauw met waterkerssaus en sperziebonen
Voor 4 personen
- 500 g sperziebonen, panklaar
- 4 kabeljauwfilets met vel à ca. 130 g
- zout
- beetje gezeefde bloem
- 1 eetl boter
Voor de kabeljauwpuree
- 1 kabeljauwfilet van 100 g zonder vel, in kleine stukjes
- 250 g gekookte aardappels, in stukjes
- 100 ml melk
- ½ eetl boter
- 1 ei
- zout
Voor de saus
- 1 eetl olijfolie
- 1 ui, gesnipperd
- ½ prei, in kleine stukjes
- ½ winterwortel, in stukjes
- 1 potje visfond
- 100 ml droge witte wijn
- 2 eetl (koks)room
- flinke handvol waterkersblaadjes
- zout en peper
Bereiding
- Verwarm voor de saus de olie in een pan en bak hierin ui, prei en wortel glazig (niet kleuren). Giet de fond en de wijn erbij en laat op laag vuur 30 minuten doorkoken.
- Zeef de saus, roer de room erdoor en voeg de waterkers toe (4 mooie takjes achterhouden voor garnering). Pureer tot een gladde saus met een staafmixer. Verwarm opnieuw op laag vuur maar laat niet koken. Breng op smaak met zout en peper.
- Meng voor de puree de stukjes kabeljauwfilet met de gare aardappels en voeg de melk, boter en het ei toe. Verwarm dit ca. 2 minuten tot de vis gaar is en stamp er puree van. Breng op smaak met zout.
- Kook de sperzieboontjes beetgaar.
- Bestrooi ondertussen de kabeljauwfilets met zout, haal ze door de bloem en bak ze op de velzijde bruin en krokant in de boter. Keer ze voorzichtig en bak kort aan de andere kant tot ze gaar zijn. De totale gaartijd hangt af van de dikte van de filets.
- Verdeel de bonen over 4 borden. Schep de puree erbovenop en leg hierop een kabeljauwfilet. Druppel de saus eromheen en garneer met een takje waterkers.